|
 Malinky - Foto Sjaak Faassen
Recensie/verslag 10e Folkfestival Zwolle: Kwaliteit en sfeer Onze recensent Paul beschrijft in een recensie/verslag de ervaringen die hij opdeed bij het 10de Folkfestival Zwolle afgelopen zaterdag in schouwburg Odeon aldaar. FF-eindredacteur Henk was er ook en breit zijn toevoegingen door dit artikel heen. In het drukke programma werd het concert van Calasig misgelopen. Na een oproep levert Arnoud, de bezieler van Folkclub Twente de gewenste aanvulling.
- door Paul - Het is te hopen dat dit niet het laatste Folkfestival in Zwolle was. Vanwege bezuinigingen in theater Odeon komt er in 2005 geen 11e editie. Mogelijk komt het festival in 2006 weer terug. Henk: Zwolle is een gezellig festival. Voor de beste bands moet je naar Route in Tilburg, voor de ambiance naar Zwolle. Eigenlijk hetzelfde als vroeger constateerde bij een kop koffie de volgende ochtend organisator Assie Aukes. (die overigens nog officieel op het podium werd bedankt door Schouwburg Odeon voor 25 jaar mede-programmeren en 10 keer folkfestival). "Toen gingen we voor kwaliteit en kwantiteit naar Rotterdam Folk en voor de gezelligheid naar Winterfolk in de Kunstmin in Dordrecht". Naar schatting zo'n 1000 bezoekers bezochten het festival. Dit jaar met een behoorlijke Schotse inbreng. Nou staat Schotse folkmuziek niet bekend als vernieuwend of origineel, maar er vielen toch wat verrassingen te noteren. Allereerst Malinky. Met Karin Polwart beschikt deze groep over een exellente zangeres. Zo vast als een huis. In the ballad Billy Taylor (ook wel William Taylor) herinnert ze aan het beste van Kate Rusby. Karin Polwart kan ook teksten schrijven. Aan het eind van het concert kregen we een beklemmende song over de gebeurtenissen in Srebrenica te horen: Where do you lie? Naast Polwart heeft Malinky nog een vocalist van formaat in huis: Steve Byrne. Het nummer "The lang road doon" (in Angus dialect) is zo'n weemoedige song die blijft hangen. Bloedmooie harmony-vocals van Polwart in dit nummer. Malinky kijkt ook over de Schotse grens. "Thaney" krijgt een mooi Oost-Europees arrangement dat extra beklijft door het donkere geluid van de diepe bodhran (Mark Dunlop). Laatste aanwinst van de groep is de Ier Leo McCann (whistles/button-accordeon). Niet nadrukkelijk aanwezig, maar zijn typisch Ierse geluid mixt prachtig met de oer-Schotse tonen uit de viool van Jon Bews. Arnoud Folkclub Twente: Heb me uiteindelijk bij het overvolle Calasaig naar binnen gewurmd en trof een hechte groep schotten die veel lol hadden met elkaar en het publiek en een indrukwekkende verzameling instrumenten. Nooit zag ik een band met 3 bouzouki's, maar hun eigen geluidsman maakte ook daar een mooi mix van. Een fijn gevarieerd optreden, waarbij mij multi-intrumentalist Keith Easdale opviel (naast Highland pipes ook kundig uillean pipes en nog veel meer) en Celine Donoghue met zeer fraai en strak fiddle spel. Over 2 weken doen ze een tour in Nederland en ik ben blij dan wij ze ook geboekt hebben.
 Brak - foto Sjaak Faassen
Kon na het concert van Malinky nog wat meepikken van de Zwolse groep Brak. Niet genoeg voor een afgewogen oordeel maar instrumentaal klonk die groep als een klok ("The Last Pint") Het was dan ook al vroeg feest in de Dommerholtzaal. De zang van Brak vond ik niet erg sterk. Er is niks op tegen om klassiekers als "Wraggle Taggle Gypsies" (Henk: leuke mix Iers en gypsie) en "You Couldn't Have Come At A Better Time"(Luka Bloom) te coveren. Maar in de uitvoering van deze gekende songs bleek extra duidelijk dat er vocaal nog veel te verbeteren valt. Henk: Helemaal aan het begin van de avond was ik een van de weinigen die het gehele concert van Helmut Debus bijwoonde. Ik denk dat er op een gegeven moment nog slechts vijftien man in de zaal zaten. Het probleem was dat deze Noordduitse singer-songwriter nogal eens té melodramatisch overkwam. In het liefdeslied Mit den Lach was de kreun in zijn stem net iets té sterk aangezet. Aobend klonk Leonard Cohen-zweverig. Maar er waren ook fraaie songs secuur tokkelend begeleid op gitaar met een heldere klank. En de lange zit werd beloond. Vanachter uit de zaal klonken plots mondharmonicaklanken in Dans, dans, dans. Helmuts collega Charlie Koopman assisteerde hem roerend mooi bij de laatste twee nummers. Linde Nijland zagen we afgelopen jaar op Folkwoods in een indrukwekkende Sandy Denny set. Merkwaardig genoeg was haar concert in Zwolle een stuk minder. Merk- waardig, omdat de omstandigheden in een zaal beter zouden moeten zijn dan in een tent. Ik weet niet of het aan de podiumtechniek lag, maar ze klonk in het begin van het concert (o.a. Matty Groves) allerminst zuiver. Ook leek Linde Nijland zich te ergeren aan de "volksverhuizing" die na elk nummer op gang kwam en geluiden uit andere ruimtes van Odeon. Henk: Linde oogde aanvankelijk gespannen. In de eerste nummers ging er nogal wat fout ('Slecht geluid, ik hoorde mezelf niet goed', zei Linde na afloop) maar vanaf het prachtige lange 'Banks of the Nile' boeide Linde meer en meer en hebben we met plezier het hele concert aangehoord. Geen spijt van, want de toegiften waren indringend: Who knows were the time goes (met enkel de uitstekende snarenman Bert Ridderbos op gitaar) en het a capella gezongen Farewell. Op fiddle werd Linde deze avond trouwens niet door Hans Battenberg begeleid, maar door Jannet Fink.
 Assie Aukes kondigt Brid Ni Mhaoileon & Alan Burke aan - foto Sjaak Faassen
De omstandigheden waarin Linde Nijland en band moesten musiceren waren misschien niet ideaal maar nog altijd stukken beter dan die in de Bovenfoyer. Dat is mijn enige punt van kritiek op de organisatie in Zwolle. Je kunt het eigenlijk niet maken om daar muzikanten neer te zetten. Onmogelijke ruimte voor de geluidstechniek en ontmoetingsruimte voor rokers en praters. Het duo Brid Ni Mhaoileon & Alan Burke en het Schotse trio Fine Friday verdienden een veel betere plek. Ik was onder de indruk van Brid Ni Mhaoileon/Burke. In de zang herinnerde dit duo aan wat Clannad in de aanvangsjaren deed. Voordat ze nietszeggende "zweefmolenmuziek" gingen maken, bedoel ik. Groeiende ergernis bij Alan Burke naarmate de set vorderde en gelatenheid bij Ni Mhaoileon. Fine Friday had met dezelfde treurige omstandigheden te maken. Een trio om in de gaten te houden. Hun bewerking van de traditional "Cold Blow and The Rainy Night" (o.a. Planxty) is van absolute topklasse. Henk: Bij Comas zong Helen Flaherty (Shantalla) mee. Op een gegeven moment werd het publiek nog eens verrast door drie blinkend uitgedoste jeugdige danseresjes die echte Ierse dansjes lieten zien. Natuurlijk waren onze Zuiderburen ook vertegenwoordigd. Op het laatste moment verving Sois Belle de Engelse band Little Johnny England. Van die vervanging zal de organisatie geen spijt gehad hebben. Sois Belle bracht afgelopen jaar al een puike (gelijknamige) CD uit, maar live lijkt de groep er nog een tandje bij te zetten. Ik was geïmponeerd door het bijzondere hechte geluid en de fraaie meerstemmige zang ("De Matroos") en de elektrische gitaar van Pieter Boussemaere. Een afgekloven nummer als "Schoon Lief" krijgt via een nieuw ritmisch arrangement weer opnieuw kleur. Op Sois Belle valt geen etiket te plakken. Soms pure folk, soms intelligente Nederlandstalige Pop ("Het Laatste Lied"). Zo'n band kun je op elk Zomerfestival neerzetten. Daarbij ook nog aangenaam gezelschap zoals 's nachts tijdens de "afterparty" bleek.
 Dougie McLean - foto Sjaak Faassen
Dougie MacLean had ik in geen twintig jaar meer gezien. "Absolute koning van de meezingers" merkte een schalkse Karin Polwart op. Met zijn enorme podiumervaring, fraaie introducties en dito songs pakte hij de zaal in een mum van tijd in. Ik werd een beetje weemoedig van. Herinneringen aan vroegere tijden kwamen bovendrijven. Dat werd nog "erger" toen ik hem na zijn concert aansprak en hij mij, ondanks mijn sterk veranderde uiterlijk, onmiddellijk herkende. "Moergestel" riep hij en ik stond werkelijk paf. Ongelooflijk dat een artiest die al duizenden optredens achter de rug heeft die plek nog steeds noemt als zeer speciaal. Niet alleen die plek, maar ook de mensen die hij in die tijd ontmoette (en die ik namens hem moet groeten; bij deze). Dougie MacLean is, ondanks zijn enorme muzikale status in Schotland en de VS, geen spat veranderd. Eén van de (gelukkig) vele "sympathico's" uit de folkwereld. Bereikbaar voor iedereen die een praatje wil maken of een handtekening wil, absoluut geen sterallures, kortom een toffe peer. Dougie MacLean had ook slecht nieuws. Hij vertelde dat zijn vroegere muzikale kompaan Alan Roberts overleden is. Slechts 51 jaar werd Alan Roberts. Henk: De zaal was tijdens het concert van Dougie MacLean afgeladen vol en wanneer het moest muisstil. Nog met zijn allen meegezongen: "You can fall, but you must not lie down". Mooi was de emotional touch die gastmuzikante Anna Wendy Stevenson (Fine Friday) op fiddle toevoegde. "Net voor het optreden even vijf minuutjes ingestudeerd in de kleedkamer", aldus MacLean. Iedereen hoopte op Caledonia. Dougie wilde het na afloop nog best graag als toegift spelen maar wachtte tevergeefs op een signaal van de stage-manager… De laatste band was het Franse Léoparleur. Een jonge band uit Straatsburg die de zaak weer aan de gang kreeg en daar ook de nodige moeite voor deed. Ondanks de taalbarrière (Fransen en Engels spreken blijft een ongelukkig huwelijk) was er al snel contact tussen publiek en groep en werd er volop geswingd. De stemming werd nog beter toen de groep voor het podium tracteerde op een rondje Pernod. Léoparleur heeft niet de klasse van bijv. Debout sur le Zinc of Mes Souliers sont Rouges. Maar alleszins geschikt om een festival als dat van Zwolle feestelijk te besluiten. Het officiële gedeelte wel te verstaan. De groep bleef 's nachts nog lang actief tijdens de gezellige "afterparty". Henk: Tja die afterparty. De contrabassist van Leoparleur had een zwenkwieltje onder zijn instrument geschroefd, zodat hij er gemakkelijk mee kon rondcrossen. Jean Pierre van de Fagot in Ingelmunster liet trots het complete programma zien van het komende Labadoux-festival. Wil je het wel pas eind deze maand publiceren, verzocht hij. Natuurlijk, maar af en toe een naampje noemen mag toch Jean Pierre? Pieter Roets van Sois Belle zag eruit alsof hij te lang onder de hoogtezon had gelegen. "Nee", zegt Pieter "ik kom zopas rechtstreeks vanaf Deux Alpes. Wezen snowboarden". 's Nachts komt Philip Masure, de gitarist van Comas erachter dat de parkeergarage waarin hij auto gestald heeft op slot is en pas op maandagochtend weer open gaat… Ja, het was heel gezellig.
 Sois Belle 's middags tijdens de soundchecque - foto Sjaak Faassen
|